Immunoglobuline IgA IgG IgM

Terug Terug naar het overzicht

Ook wel bekend als:
antilichamen, antistoffen
Officiële naam:
immunoglobuline IgA IgG IgM
Verwante testen:

In vogelvlucht

Waarom deze test?

Om het functioneren van het afweersysteem te controleren en de oorzaak van veelvuldige infecties op te sporen.

Welk materiaal?

Bloed

Monster

Wat wordt getest?

De test meet de hoeveelheid immunoglobulines (afgekort Ig) in het bloed en onderscheidt daarbij drie verschillende soorten: IgA, IgG en IgM. Dat zijn afkortingen voor de immunoglobulines klassen: A, G en M.

Immunoglobulines, ofwel antistoffen, zijn eiwitten die door de mens worden geproduceerd om lichaamsvreemde stoffen op te ruimen en om infecties te bestrijden (virussen, bacteriën of parasieten).

Immunoglobulines worden door specifieke witte bloedcellen (B-cellen) aangemaakt. Elke groep van identieke cellen maakt één specifiek immunoglobuline. Soms slaat een groep cellen op hol en maakt dan veel te veel van één soort immunoglobuline. Dat gaat dan ten koste van andere immunoglobulines, waardoor het afweersysteem niet goed meer werkt tegen infecties.

IgA wordt vooral gevonden in de maag, darmen, speeksel en moedermelk.

IgM is bij een infectie vaak het eerst geproduceerde antistof dat later wordt 'afgelost' door IgG. IgG wordt aangemaakt bij grotere hoeveelheden of bij een tweede contact met het antigeen. IgG kan door de placenta van de zwangere vrouw bij het ongeboren kind terecht komen en zorgt in de eerste zes maanden voor de afweer van de baby.

Hoe wordt het materiaal verkregen?

Een buisje bloed wordt afgenomen uit een ader aan de binnenkant van de arm, meestal in de plooi van de elleboog. Om deze ader goed te kunnen zien en voelen wordt een stuwbandje strak om de bovenarm getrokken. In de ader wordt geprikt met een holle naald waardoor het bloed in het buisje wordt gezogen. De naald wordt maar één keer gebruikt en daarna vernietigd.

De test

Wanneer wordt deze test gedaan?

Bij klachten van veelvuldig optreden en/of terugkeren van infecties kan de dokter een immonoglobulinetest aanvragen. Hierbij wordt getest op IgA, IgG en IgM. Op basis van de test kan worden gecontroleerd of de hoeveelheid en samenstelling van de immuunglobulines in het bloed normaal is. Soms gebeurt dit omdat er eerder een te hoog totaal eiwit is gevonden.

Een oorzaak van een te hoge totaal eiwit-concentratie kan zijn dat één van de immunoglobulines in overmaat gemaakt wordt. Het kan ook zijn dat iemand veel vaker dan normaal een infectie heeft. Dan wil een dokter graag weten of alle drie de klassen immunoglobulines in normale hoeveelheden aanwezig zijn.

Wat betekent de uitslag?

Normaal

Wanneer de hoeveelheid van ieder van de immunoglubulines normaal is, dan is de kans klein dat het vaker voorkomen van infecties wordt veroorzaakt door een gebrek aan immunoglobulines.

Licht verhoogd

Een lichte verhoging van de immunoglobulines komt vaak voor tijdens of vlak na een infectie. Bij twijfel kan de verdere samenstellling van de immunoglobulines worden bekeken.

Sterk verhoogd

Sterke verhoging kan voorkomen bij een ernstige infectie of wanneer een groep cellen 'op hol geslagen is' en er teveel van één of meerdere immunoglobulines wordt gemaakt. Met behulp van aanvullend onderzoek wordt de samenstelling verder onderzocht en wordt precies vastgesteld welk type immunoglobuline in overmaat aanwezig is.

Verlaagd

Als alle verschillende klassen immunoglobulines zijn verlaagd, betekent het dat iemand zeer kwetsbaar is voor infecties. De oorzaak kan liggen in een verstoorde aanmaak van witte bloedlichaampjes in het beenmerg. Mogelijk is er bij een verstoorde aanmaak sprake van verdringing van gezonde witte bloedcellen door een tumor.

Een verlaagde hoeveelheid immunolglobulines kan ook voorkomen als gevolg van erfelijke afwijkingen. Dit zal vaak al op de kinderleeftijd duidelijk worden.

Het kan ook zijn dat er eiwitverlies is in de urine door een nierziekte. Verlies van immunoglobulines in de urine betekent dat de nieren ook veel andere eiwitten verliezen. Dit kan voorkomen bij gevorderde stadia van suikerziekte (diabetes mellitus), autoimmuunziekten of bij chronische ontsteking van de nier.

Nog vragen?

De informatie over deze test komt van deskundigen uit het ziekenhuislaboratorium. Daar worden dagelijks vele honderden testen uitgevoerd. Laboratoriumspecialisten zorgen er voor dat dit op een veilige en juiste manier gebeurt. Zij adviseren de dokter bij afwijkende uitslagen en ingewikkelde problemen.

Heeft u naar aanleiding van deze informatie nog een vraag? Stel deze aan een klinisch chemicus.

2014 Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde, laatst bijgewerkt 05-07-2011

Terug Terug naar het overzicht

Copyright © 2014 Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde | Disclaimer | Colofon